De RDW gaat vanaf dit najaar controleren of de opgegeven CO2-uitstoot van zware bedrijfsvoertuigen ook klopt als die voertuigen in gebruik zijn. Daarmee kijkt de RDW niet alleen naar gegevens op papier, maar ook naar de praktijk.
De nieuwe taak volgt uit Europese regelgeving die toeziet op de prestaties van voertuigen in de gebruiksfase. De controle komt voort uit Europese regels voor schonere en betrouwbaardere voertuiggegevens. Het gaat om fabrikanten waarvoor de RDW eerder de officiële berekening van CO2-waarden heeft beoordeeld.
Lees ook: TNO spoort vervuilende trucks op met snuffelbus
Aanvulling op bestaande toezichttaken
De RDW controleert al langer emissies van personenauto’s nadat ze zijn toegelaten. Nieuw is dat deze controle nu wordt uitgebreid naar zware bedrijfsvoertuigen, zoals vrachtwagens.
Er zijn twee soorten controles. De eerste is ‘In-Service Conformity (ISC). Hiermee controleren ze of auto’s die in gebruik genomen zijn niet te veel schadelijke stoffen uitstoten, zoals stikstofoxiden en koolstofmonoxide. Deze controle wordt enkel uitgevoerd voor personenvoertuigen. De tweede controle is ‘In-Service Verification (ISV)’. Daarmee controleren ze of de CO2-uitstoot van een auto in de praktijk klopt met wat de fabrikant heeft beloofd.
Betrouwbare emissiegegevens
Door voertuigen ook tijdens het gebruik te controleren, kunnen eventuele afwijkingen worden vastgesteld die niet zichtbaar waren tijdens de oorspronkelijke toelatingsprocedure. Daarnaast hebben zowel ISC als ISV het doel om kunstmatige strategieën op te sporen.
“Met deze uitbreiding geven we verder invulling aan onze rol als Europese typegoedkeuringsautoriteit. Door ook zware bedrijfsvoertuigen tijdens het gebruik te controleren, dragen we bij aan betrouwbare emissiegegevens en een gelijk speelveld voor fabrikanten,” aldus Bernd van Nieuwenhoven, manager Typegoedkeuringen bij de RDW.
Europese samenwerking
De RDW laat een deel van de controles uitvoeren door gespecialiseerde organisaties en voert daarnaast zelf controles uit. Alle resultaten worden door de RDW beoordeeld, zodat besluiten zorgvuldig en onafhankelijk tot stand komen.
De resultaten worden gedeeld met de fabrikant en de Europese Commissie. Als blijkt dat de praktijkgegevens niet overeenkomen met de officiële gegevens, wordt volgens Europese afspraken bepaald wat dit betekent. Dat kan leiden tot aanpassing van voertuiggegevens of tot vervolgonderzoek.